Les 8 of 14

Naaitips

Werkvolgorde

In de video-instructies maak ik gebruik van de luxe om met drie machines naast elkaar te werken:

  • naaimachine voor het stikken
  • naaimachine voor het doorstikken
  • lockmachine voor het aflocken

Dat vind ik prettig werken en het geeft overzicht in de instructies. Maar moet je het met één machine doen, dan moet je wat efficiënter te werk gaan. Het is sowieso natuurlijk sneller om eerst zo veel mogelijk te stikken, dan zo veel mogelijk te locken en daarna zoveel mogelijk door te stikken.

Doorstikken

Gebruik voor het doorstikken een wat grotere steek, maar ook weer niet te groot omdat het anders lastig is om goed uit te komen in de hoekjes van bijvoorbeeld de kraag en zakklep. Maak van tevoren even wat proefstiksels. Dit is ook handig voor het bepalen van de doorstikbreedte. Voor het smalle doorstiksel gebruikte ik de binnenkant van mijn voetje. De tweede keer doorstikken deed ik op een half voetje. Stel eventueel de naald naar opzij. De steeklengte had ik op 4 gezet.

Nivelleerplaatje

Bij het naaien van de dikke naden is het handig om gebruik te maken van een nivelleerplaatje, zodat je voetje niet gaat kantelen.

Nadenpers

Ik maak gebruik van een nadenpers in de instructie-video’s. Heb je deze niet, dan kun je bijvoorbeeld een houten pollepel gebruiken. Of een potlood, maar dan een zonder lak.

Tangen

Ik gebruik ook een gaatjestang en de variotang. Uiteraard kun je ook gebruik maken van de instrumenten en technieken die in de verpakking van de drukknopen zitten.

Let op

In de video’s gebruik ik foto’s van twee verschillende jasjes.